De eerste ronde. De competitieleider heeft de grote groep in drie stukken gehakt en de computer laat er een leuke indeling uitrollen. Er gebeurt meteen weer van alles.
S. Pielaet – A. Ballesteros ½-½
De topper, die een beetje beslist wie straks het eerste bord van het eerste team gaat bezetten. Antonio is daar een beetje huiverig voor, omdat hij nog niet overtuigd is van zijn eigen kracht. Sjaak zet de partij ambitieus op, maar is gewaarschuwd voor de slimme praktijken van de Madrilleen. Wit wint een pion en staat iets beter, maar de zwarte paarden worden ingezet om onvoorspelbare acties uit te voeren. Als zwart de pion naar ruil van de licht stukken terugwint is er een doodgebloede situatie ontstaan.
R. Frans – K. Kager ½-½
Het spektakelstuk van deze ronde. Elk seizoen komt af en toe de beruchte Fritz-variant op het bord, meestal met slechte resultaten voor zwart. Kees lijkt deze traditie voort te zetten, door ernstig mis te grijpen op een cruciaal moment. Dat levert Richard een stuk op. Dan vecht zwart met alles wat hij in zich heeft. Hij komt terug in de strijd, maar moet het doen met een toren tegen paard en loper. Op stelling komt Richard totaal gewonnen te staan, maar hij komt net vijf seconden tekort om de kale koning van Kees met zijn dame mat te zetten.
E. Jostmeijer – J. Keijsper 0-1
Ook hier krijgt de toeschouwer het nodige te zien. Erik lijkt goed uit de opening te komen, maar kan toch niet voorkomen dat op de damevleugel een pion verloren gaat. Vanaf dat moment kan Jan de druk opvoeren en wachten op een mindere zet van wit. Die laat heel lang op zich wachten, maar om kwart over elf komt hij toch. Voor beiden een zware klus, deze partij.
J. de Boer – T. Grondhout 1-0
Bijna de eerste grote verrassing in deze competitie. Jacob laat zich in de opening volkomen afbluffen een zou bij goed spel van zwart een paard moeten inleveren. Tijmen denkt het mooier te kunnen. Dat is het misschien ook wel, maar het paard krijgt hij zo niet. Integendeel, hij verliest een pion en zijn koning kan niet veilig opgeborgen worden. Voldoende aanknopingspunten voor wit om alle voordelen uit te buiten.
J. Dekker – R. Rijnveld ½-½
Het is dat Boudewijn Kat weer lid is geworden, anders was Jasper op 14-jarige leeftijd nu al het langste lid van de club. Ook op het bord laat hij zien geen kleine jongen meer te zijn. In de Siciliaanse Opening krijgt Rudolf geen enkel aanknopingspunt om voordeel te behalen. De stelling is en blijft in evenwicht.
Meteen een zware klus voor Eckhart, die zich stukloopt op het rustige, maar doordachte spel van Albert:1. e4 c5 2. Pf3 e6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 a6 5. Pc3 Dc7 6. Le3 Pf6 7. f3 Pc6 8. Le2 Le7 9. Dd2 O-O 10. g4 b5 11. g5 Pe8 12. f4 Lb7 13. f5? Een voor de hand liggende zet, maar dit verliest meteen een pion, door de ongelukkige stand van de witte toren op h1.
13. … Pxd4! 14. Lxd4 exf5! 15. Lf3 Lb4 16. De3 fxe4 17. Lxe4 Lxe4 18. Dxe4 Pd6 19. Dg4 Tae8+ 20. Kd1 Lxc3 21. Lxc3 Pc4 22. Dd4 Dd6 23. Dxd6 Pxd6 24. Lb4 Te6 25. Te1 Txe1+ 26. Kxe1 Te8+ 27. Kf1 Pc4 28. b3 Pe3+ Nu een tweede pion verloren gaat, houdt wit het voor gezien. 0-1
W. Greve – J. Bijlsma 1-0
Lange tijd lijkt het erop dat deze strijd geen winnaar oplevert. Nadat er veel materiaal geruild is, blijft een eindspel over, waarin beiden een toren en vijf pionnen hebben. Dat kan verraderlijk zijn en dat blijkt ook, want hoewel Jaap alles onder controle lijkt te hebben, toont Wouter zich op het ultieme moment toch de koelbloedigste.
B. van Burgel – R. Morrema 1-0
Door de afloop een beetje een aanfluiting. Bert wint al snel een pion en lijkt op weg naar de overwinning. Rein versla je echter niet zo gemakkelijk en als het geduld van wit een beetje op raakt, verliest hij zijn voordeel. Op zijn beurt doet Rein het daarna ook niet optimaal. Er resteert een stelling waarin wit twee lopers en een pion heeft en zwarte een toren en een pion. Beiden laten dan zien de spelregels niet te kennen. Bert heeft nog ruim tien minuten en noteert niet meer, Rein zit onder de vijf minuten en hoeft niet te noteren, maar spreekt Bert niet aan op zijn verzuim. Het vervolg is onbevredigend. Rein gaat door de vlag en vindt het niet eerlijk. Bert wijst alleen maar naar de klok en zegt verder nergens iets mee te maken te hebben, omdat Rein zijn tijd beter had moeten indelen.
J. van Haasteren – H. Peters 0-1
De snelste partij van de eerste ronde. Terwijl anderen nog maar net geïnstalleerd zijn, kunnen hier de stukken na een half uur alweer in de doos. Dan heeft Jan ondertussen twee pionnen verloren en denkt hij dat hem nog meer rampspoed te wachten staat. Harry wijst hem erop dat dat nogal meevalt, maar dan is het al te laat.
R. Moeskops – C. Groentjes 0-1
Hier zien we een vertrouwd beeld: de “mindere” speler heeft in een Siciliaan met 2. f4 een vijftiental zetten het idee dat hij een goed resultaat gaat halen, maar dan komt het eerste haarscheurtje in de stelling. Even later glipt de controle weg, valt de eerste pion en het scheurtje is een kloof geworden. Met veel machtsvertoon zet Cor dan orde op zaken.
K. Roobeek – H. Blank 0-1
Waarom niet meteen de twee grootste vrienden tegen elkaar? Dan hebben ze dat maar gehad. Kees denkt met het loperpaar een leuk stel troeven in handen te hebben, maar de paarden van Hans stelen de show. Normaal zet iemand ze niet op a4 en b4, maar in dit geval is het een goed idee. De herboren Hans dirigeert ze met vaste hand om de ook raar geplaatste zwarte pionnen op a3 en a5 te ondersteunen. Kees verliest het overzicht, een kwaliteit en de partij.
R. Lorsch – P. Duivenvoorden 1-0
De merkwaardigste partij van de avond. Beiden kunnen de afloop nauwelijks beseffen. Piet wint snel een pion en als er korte tijd later ook nog eens een wit paard verloren gaat, verdwijnt de belangstelling van het publiek. Dat komt echter terug, als deze stelling op het bord komt:
Ja, een typisch voorbeeld van een vrij machteloos paard tegen een vrije randpion. Welke trucs Piet ook nog uit de doos probeert te halen, Ruben slaagt erin de pion naar a8 te loodsen en met de behaalde dame wordt het punt binnengehaald.
H. Vonk – O. Polet 0-1
Ook hier de nodige dramatiek. Henk overspeelt Onno in de opening en wint een compleet paard. Deze weelde is geen lang leven beschoren, want in zijn pogingen hiermee de winst te verzilveren vergaloppeert Henk zich letterlijk. Ook als het daarna gelijk staat vindt wit het juiste ritme niet meer terug. Wat remise had moeten en kunnen worden eindigt in een verloren pionneneindspel.
A. Schipper – F. van Kreveld ½-½
Deze spelers zijn gewoon even sterk. Wanneer we ook komen kijken, het staat steeds gelijk. Beiden zijn blijkbaar niet op bloed uit, want gevaarlijke acties kunnen niet genoteerd worden. Dus valt er weinig te melden.
C. Berkhout – B. Kat 0-1
Door vroeg in de partij een paard ongedekt op h4 neer te zetten, legt Carol de basis voor een geslaagde rentree van Boudewijn. De simpele zet Pe4 fixeert het witte oog op de mogelijkheden van deze spring-in-het veld, maar “vergeet” het arme beest op h4, dat dan aangevallen wordt door de zwarte dame. Pas als Dxh4 gebeurt, schrikt wit wakker. Er wordt nog voldoende gevochten om het vege lijf te redden, maar zwart laats zich niet meer van zijn stuk brengen.
Besje: Op de eerste avond van het seizoen moet altijd maar weer worden afgewacht wie er wel of niet komen. Wedstrijdleider Albert heeft alle twijfelgevallen persoonlijk even benaderd, maar kan toch niet voorkomen dat de enige schaker die tot 21 september in een korte broek wil blijven lopen geen tegenstander heeft. Daardoor kan Killian Vlaming al snel met een reglementair puntje terug naar de Duinweg.Niet meer in korte broek, zoals vroeger, maar als vader van een dochtertje van nog geen jaar, keert Jaap Spreeuw voor een avondje terug op het oude nest. Doordat hij in Londen woont en zijn vrouw een Hongaarse is, wordt het arme kindje drietalig opgevoed, maar dat schijnt geen probleem te zijn. De clubkampioen van 1998 is met zijn rating van 2251 nog steeds de sterkste schaker die onze vereniging ooit heeft voortgebracht. In Engeland schaakt hij alleen extern en dan nog onder barre omstandigheden: iedereen neemt zijn eigen drankjes mee, want slechts thee – en dan nog niet eens overal – is daar voor de dorstige schaker verkrijgbaar.
Opkomst: 75 %
Stand aan kop na ronde 1:
Groep 1:
1. Jacob de Boer 87
2. Albert Dekker 85
3. Bert van Burgel 83
Groep 2:
1. Wouter Greve 84
2. Jasper Dekker 48
3. Daan de Vries 29
Groep 3:
1. Killian Vlaming 78
2. Ruben Lorsch 77
3. Onno Polet 66
| < Prev |
|---|


