Terwijl buiten de vogels vrolijk bezig zijn met het afbouwen van hun nesten en het leggen van eieren, zijn er in het T.& O.-gebouw een twintigtal mannen bezig met het bouwen van barricades en het leggen van valse eieren in de hoop dat hun tegenstander het valse ei niet zal herkennen en er bovenop zal gaan zitten.
F. van Kreveld – R. Lorsch 1-0
Hier wordt gespeeld om het kampioenschap van Scorlewald tussen beidede matadoren. Omdat Ruben een hekel heeft aan lang nadenken, heeft Frank al snel twee paarden te pakken tegen twee pionnen waarna Frank besluit om toch maar een paard terug te geven. Na 45 minuten hebben de mannen de 36e zet al bereikt en verzucht Ruben, nadat Frank een Dame heeft gehaald “Wat een ellende”, “Ook dat nog” “Ik ben de draad een beetje kwijt” en dat is ook zo. Frank dus kampioen.
P. Duivenvoorden – C. Berkhout 1-0
Bij deze theoretici vindt een geheel ander gebruik van de tijd plaats en zijn er na een uur pas pas negen zetten gedaan, uiteraard ook een gevolg van de klokkenfobie van Piet. Omdat het voor hen niet meer dan een spelletjesavond is offreert Piet al na tien minuten een pilsje aan Carol, maar die vindt dat nog iets te vroeg. Beide mannen spelen varianten waarin de rochade geen enkele rol speelt. Bij Piet is de chaos zo groot dat hij al niet meer kan rocheren en Carol kan nog beide kanten op, maar vindt het gevecht op het middenterrein toch veel interessanter. Daar krijgt hij spijt van als er plotseling een toren op de achterlijn verschijnt en hij zijn Dame moet offeren om mat te voorkomen. Dan geeft hij op en besluit tevens om nu voor eens en altijd, definitief, onvoorwaardelijk en levenslang zo snel mogelijk te rocheren.
T. Meedendorp – R. Boots 1-0
De meest raadselachtige partij wordt hier gespeeld. Na een gelijk opgaande strijd verspeelt Rob op de 21 ste zet een Loper tegen een pion, maar dat is pas het begin van ontwikkelingen die de onschuldige toeschouwer met stomheid zullen slaan. Rob biedt zijn Dame aan ter bescherming van een Toren, maar Tammo ziet spoken en durft haar niet te nemen. De spoken vliegen kennelijk in het rond, want als Rob een Toren krijgt aangeboden ziet hij er om duistere reden ook maar vanaf het kado te accepteren. Rob is inmiddels wel een stuk achter en een paardvorkje is de genadeslag.
L. Obdam – O. Polet 1-0
Hier wordt geschaakt zoals het betaamt; serieus en in stilte, zodat er na drie kwartier pas zeven zetten zijn gedaan. Helaas verspeelt Onno door een onachtzaamheid een Loper en dan gaat Leo behoedzaam naar een eindspel waarin Onno zijn ver opgerukte d-pion kwijtraakt en vervolgens tegen de regels in zijn resterende stukken gaat ruilen. Met een vrij bewegende Loper kan zelfs een eindspeltalent als Onno dan een promotie niet meer voorkomen.
J. Bijlsma – H. Blank 1-0
Zoals gebruikelijk tegen Hans, wordt onze partij weer een boeiende seance en eindigde na zo’n twintig chaotische zetten in een overwinning voor Hans. Niet leerzaam, wel leuk.
B. van Burgel – J. Keijsper 0-1
Bert en Jan spelen een partij met verwisselde kleuren ten opzichte van de computerindeling. Dit komt omdat Jan - Bert ook al op 4 maart (ronde 6) was gespeeld, en daarom wordt het nu Bert - Jan. Helaas voor Bert komt ook deze keer Janweer als winnaar uit de bus. Na Berts superdegelijke opening (d4, Pf6; Lf4), countert Jan (met 2. .. c5 en 3. .. Db6) maar Bert vangt dat keurig op en staat na een zet of 10 iets beter. In plaats van dapper 11. d5!, doet hij echter slapjes 11. h3, en daar worden natuurlijk geen partijen mee gewonnen. Jan offert een pion (11. .. e5!) die echter niet wordt geaccepteerd. Daarna gaat het vlotjes en na 24 zetten heeft Jan een kwaliteit, na 28 zetten een volle toren, en na 33 zetten mat of nog een toren.
A. Dekker – A. Knop 1-0
Bijzonder heuglijk op deze avond is de rentree van Albert Dekker en er is enig ongeloof als blijkt dat Albert er niet alleen is om even zijn gezicht te laten zien, maar om een heuse competitiepartij te spelen. Dat hij dit niet verleerd is, blijkt uit de volgende Franse partij, waarin zwart de Winawer niet helemaal volgens de regels speelt.
1. e4 e6 2. d4 d5 3. Pc3 Lb4 4. e5 Pe7 5. a3 Lxc3+ 6. bxc3 O-O 7. Ld3 c5 8. Ph3 c4? Na de hardhandige afstraffing die nu volgt, blijkt dit de verliezende zet.
9. Lxh7+! Natuurlijk, maar je moet wel durven na alles wat zich de afgelopen maanden heeft afgespeeld. 9. … Kxh7 10. Dh5+ Kg8 11. Pg5 Te8 12. Dxf7+ Kh8 13. Dh5+ Kg8 14. Dh7+ Kf8 15. Dh8+ Pg8 16. Dh5 Ph6 17. Ph7+ Kg8 18. Lxh6 gxh6 19. Pf6+ Kf8 20. Dxh6+ Kf7 21. Dh7+ Kf8 1-0 Het is in twee zetten mat.
R. Rijnveld – R. Frans 0-1
Ook hier een Franse opening, waarbij na 13 zetten al een lastige vrijpion op b3 verschijnt. Beide heren investeren veel tijd in hun plannen, want 10 zetten later is het al 11 uur en blijven er voor de resterende 13 zetten nog slechts luttele minuten over. Het is dan ook niet verwonderlijk, dat de klok een rol gaat spelen en in het voordeel van Richard beslist. Dit in een overigens voor Richard gewonnen staand toreneindspel met alleen een pion op b3.
A. Ballesteros – M. Duinmaijer ½-½
Even denk ik dat Martin bier bestelt als ik om zijn commentaar vraag, maar het heeft betrekking op de opening, die bij hen op het bord kwam, de Pils-variant in het Siciliaans 1. Pf3 c5 2. e4 Pc6 3. d4 cxd4 4. Pxd4 e5 5. Pb5 a6 6. Pd6+ Lxd6 7. Dxd6 Df6 8. Dd1, waarna zwart ergens een pion investeert voor tegenspel. Na 15 zetten heeft Antonio nog steeds een pion meer en lijkt zijn techniek voldoende om deze op de d-lijn te doen promoveren. Martin weet de boel met aanvallend spel te compliceren. Met betrekkelijk minder tijd op de klok slaagt hij er toch in een pion terug te winnen en de vrijpion op te peuzelen. Met winstkansen nu voor Martin, maar met nauwelijks nog speeltijd, wordt hier remise overeengekomen.
R. Morrema – K. Roobeek ½-½
Net als in de eerste partij, die de heren aan het begin van het seizoen tegen elkaar speelden ver-schijnt hier de dubbele dichtschuif-variant van het Koningsindisch op het bord. Rein lust hier wel pap van en Kees kan in dit soort stellingen zijn draai niet vinden en weet ook niet beter dan enigszins doelloos heen en weer te schuiven met de torens. Alles wijst er op, dat Rein de stelling met een goed geplaatst offer zal gaan openbreken, maar na 28 zetten staan alle stukken en pionnen nog op het bord en Rein durft dit niet blijkbaar niet aan. En zo eindigt deze saaiste partij van de avond na de 29e zet van wit in remise.
J. Dekker – W. Greve 0-1
Dit is een belangrijke partij, die waarschijnlijk beslissend is in de strijd om de periodetitel van ratinggroep 2. Hier heeft de verslaggever niets van gezien, maar de jongelui zijn vroeg klaar na een misser van Jasper.

Besje: Wat een goed gevoel geeft de terugkomst van Albert Dekker! (al zal de andere Albert daarover misschien gemengde gevoelens hebben…) Een onbezorgde schaaklenteavond. Zo noemt Jaap Bijlsma deze schaakronde, waarvan hij in zijn typische Jaap-stijl de verslaggeving van de eerste vijf partijen voor zijn rekening heeft genomen. De andere krachtmetingen zijn becommentarieerd door Kees Roobeek. Beide scribenten laten daarbij zien dat ze vaker met dit bijltje hebben gehakt en tonen daarmee aan dat de secretaris af en toe best een paar weken op vakantie kan gaan.
Opkomst: 59 %
Stand aan kop na ronde 15:
Groep 1:
1. Jan Keijsper 1093
2. Antonio Ballesteros 983
3. Sjaak Pielaet 845
Groep 2:
1. Wouter Greve 742
2. Jasper Dekker 667
3. Kees Roobeek 667
Groep 3:
1. Boudewijn Kat 529
2. Piet Duivenvoorden 374
3. Frank van Kreveld 373
| < Vorige | Volgende > |
|---|


