Schaakclub Bergen

Schaken, een Meesterlijke Sport

  • Increase font size
  • Default font size
  • Decrease font size

27 mei

Ook vanavond wordt de verhaal­lijn voor een groot deel (de eerste zes partijen) uitgestippeld door Jaap Bijlsma, maar hij wordt daarbij deze keer ondersteund door wat spelers uit de top tien, die hun eigen visie mogen etaleren.

B. Kat – E. Vlaming 0-1

Als Boudewijn een dubbele aanval doet op de Loper van de zwart-speler, die de vergiftigde b2 pion had genomen lijkt het erop dat Eckhart zijn hand heeft overspeeld. Maar hij ziet toch kans te ontsnappen en in het eindspel komen beiden gelijktijdig tot promo-tie. Boudewijn gat uit van remise, maar Eckhart ziet kans om hem op miraculeuze wijze nog mat te zetten ook.

R. Lorsch – H. Peters 0-1

Ruben neemt voor de opzet van zijn partij zoals gebruikelijk weinig tijd. Dat heeft tot gevolg dat hij een paardvorkje van Harry over het hoofd ziet, waarmee hij zijn Dame verspeelt en dat leidt weer tot kreten van teleurstelling bij Ruben zoals “vreselijke blunder” en “waarde-loos”. Voortaan zal hij iets langer nadenken voor hij zijn zetten doet.

O. Polet – P. Duivenvoorden 1-0

Onno krijgt al vroeg in de avond een pilsje aangeboden van Piet, maar slaat zelfs een glaasje water af.Hij hoeft helemaal niets en zit even later vol in het zonlicht, dat door een zijraam naar binnen valt. Dat geeft hem kennelijk voldoende inspiratie om een pion van Piet te pakken. Wanneer hij later met twee plus-pionnen het eindspel ingaat, kan de overwinning hem niet meer ontgaan.

L. Obdam – R. Moeskops 0-1

Leo raakt al snel zodanig de weg kwijt dat hij er zelf met verbazing naar zit te kijken. Hij kan dan ook niet meer verklaren hoe hij in zo'n chaos is terechtgekomen. Hij verspeelt in de kortste keren twee stukken en kan niet meer rocheren. Als Ronald dan ook nog kans ziet de Dames af te ruilen, gooit Leo al na 17 zetten de handdoek in de ring.

H. Vonk – A. Schipper 0-1

In een rustig hoekje van de grote zaal zitten de schaaktalenten Adrie en Henk volledig ontspannen nog niet ontdekte varianten uit te proberen. Als brandstof voor deze intellectuele uitdaging gebruikt Adrie een jonge klare en Henk chocomel. Wanneer het spannend wordt gooit Adrie er een tweede klare tegenaan en waarschijnlijk tot genoegen van de geheelonthouders blijkt deze brandstof niet te voldoen en legt hij tegen Henk met de chocomel in zijn hand het loodje.

J. Dekker – J. Bijlsma 1-0

In mijn eigen partij tegen Jasper neemt het respect voor onze vaste Vierkrantredacteur en lid van de Oranje-Nassaufamilie Sjaak Pielaet voortdurend toe. Hoe is het mogelijk dat je rustig kan rondlopen om je in andere partijen te verdiepen en dan ook nog je eigen spel in de gaten te houden. Dat talent blijkt bij mij volledig afwezig. Hoe langer ik  hier en daar naar de vaak warrige situaties bij de anderen heb gekeken, des te slechter worden mijn eigen stukken behandeld. Reeds na zestien zetten heb ik er zo'n puinhoop van gemaakt dat ik Jasper de hand schud en lachend zeg “Sorry, maar dat kan ik niet hoor. Ik ben duidelijk geen Pielaet”.

K. Kager – A. Knop 1-0

Albert probeert in een Franse ope­ning met verwisseling van zetten Kees op een dwaalspoor te bren­gen. Dat lukt aardig. De dame van Kees moet veel verdedigende zet­ten doen, de koning wordt genood­zaakt naar d1 uit te wijken en de stukken op de koningsvleugel ko­men niet tot ontwikkeling. In plaats van zijn stelling te consolideren, wordt Albert overmoedig. Hij offert een paard tegen de 2 centrumpion­nen van Kees en ziet tot zijn teleur­stelling dat de stelling er alleen maar beroerder op geworden is. Kat in het bakkie voor Kees, die al het gif uit de stelling van Albert haalt en na 36 zetten het winstpunt kan op­schrijven.

A. Dekker – B. van Burgel ½-½

Albert wil geen Scandinavisch en opent met 1. d4 Vervolgens schuift Bert alles dicht met de opstelling c6-d5-e6-f5. Daar komt wit niet doorheen en moet nog oppassen voor Dameverlies. Bert heeft een vrijpion op de b-lijn in een Toren/Dame eindspel. Kansen op winst, dus. Maar zijn tijd slinkt en daarom biedt hij remise aan.

R. Frans – R. Morrema 1-0

Siciliaanse partij. In de opening geeft Richard al snel een pion weg. Die weet hij kort daarna terug te winnen door actief te spelen. Er ontstond een remisestelling met voor wit wat ruimtelijk overwicht (toren+paard tegen toren+paard en beiden nog pionnen). Richard kan echter geen beslissend voordeel halen. De paarden worden afgeruild, evenals enkele pionnen. Als dan een remise-eindspel ontstaat, lijkt winst ver weg. Beiden hoeven alleen nog maar pionnen op te eten, maar dan doet Rein rare zetten en het wordt alsnog 1-0 door een vrijpion van wit. Wederzijdse tijdnood.

H. Blank – R. Rijnveld 0-1

Hans komt met wit voor de verandering eens redelijk uit de opening in een Siciliaanse partij. Rudolf zal ook tevreden zijn geweest over zijn stelling. In het middenspel zet wit een aanvalletje neer. Rudolf vangt dit kalmpjes op. Om echt op voordeel uit te komen gaat wit vervolgens forceren, maar blijkt in zijn berekening  een eenvoudige torenzet over het hoofd te hebben gezien.  Omdat in de overblijvende stelling zo’n beetje alle belangrijke stukken  van wit bungelen, is de resterende stelling meteen reddeloos verloren voor wit.

A. Ballesteros – J. de Boer ½-½

Antonio heeft nog kans om Jan het vuur aan de schenen te leggen, hij is daarom wel op bloed uit in deze partij. Het wordt de doorschuif variant van het Frans waarin Antonio voor een niet echt effectieve verdediging zorgt. Hierdoor kan zwart vrij eenvoudig een gelijke stelling krijgen. Gedurende de partij bouwt Antonio iets meer druk op en dreigt met Dame en paard de stelling van Jacob binnen te dringen. Jacob verdedigt zich nauwkeurig en wint zelfs een pion. Door de druk op de zwarte koningsstelling is het onduidelijk of de pion uiteindelijk zou kunnen winnen en wordt tot remise besloten.

M. Duinmaijer – J. Keijsper 0-1

Martin probeert het met de 4-pionnen variant van het Konings-indisch. Nu is dat een variant die al sinds Euwe als discutabel bekend staat en deze partij geeft geen aanleiding die mening te herzien. Jan drukt tegen het witte centrum (vooral tegen d4) met zetten als c5, Lg4 en Lxf3 en Pc6. Als het centrum van wit ontploft, staat zwart beter. Dat resulteert in pionwinst, daarna binnenvallen met toren via de open g-lijn en tenslotte stuk – en partijwinst.

 

Besje: Was er vorige week eindelijk eens goed nieuws, nu is het weer mis. We krijgen deze week de droevige mededeling dat 18 mei ons oud-lid Frits Stins op 64-jarige leeftijd is overleden. Hij is inmiddels op 25 mei begraven, waarna – is het toepasselijk of niet? – hij herdacht werd in café De Avonden te Schoorl.
Wij hebben het genoegen gehad met Frits in de periode van 1992 tot 1999 zeven goede jaren door te brengen op schaakclub Bergen. Na afloop van de schaakpartijen was er altijd een vermakelijk, joviaal, gezellig en hilarisch gesprek mogelijk over van alles en nog wat. Met Frits erbij was er nooit sprake van verveling. Hoogtepunten waren er tijden het zogenaamde Luiwammestoernooi dat zes keer is gehouden. De combinatie van tennis en schaken was aan niet iedereen besteed, maar als er weer eens de prijsuitreiking gedaan mocht worden, was het dikke pret. Zo zal hij altijd positief in veler herinnering blijven als vrolijke Frits, die leven in de brouwerij wist te brengen, zowel letterlijk als figuurlijk.

 

Opkomst: 65 %

Stand aan kop na ronde 16:

Groep 1:

1. Jan Keijsper 1179

2. Antonio Ballesteros 1040

3. Sjaak Pielaet 848

Groep 2:

1. Wouter Greve 750

2. Jasper Dekker 732

3. Kees Roobeek 702

Groep 3:

1. Boudewijn Kat 532

2. Frank van Kreveld 399

3. Piet Duivenvoorden 377

 

Teller

Leden : 7
Artikel : 314
Weblinks : 64
Content View Hits : 28785