1 juli
Het dagelijks bestuur van de schaakclub neemt met de inmiddels bereikte jeugdleider de laatste punten van de bestuursvergadering door en kan om 9 uur aanschuiven bij de andere schakers die zich hebben gemeld om met korte broek en veel dorst hun schaakniveau op peil te houden. Zo hebben Frank en Ruben nu ook weer eens de kans om te spelen met Piet, Sjaak en Jacob, terwijl Jan, Cor en Rudolf het dubbelmannenkwartet compleet kaken. Wij hebben de kroeg zo’n beetje voor onszelf, zeker nu de voetbalfanaten zich thuis moeten voorbereiden op de wedstrijd tegen Brazilië, die morgen plaats vindt.
8 juli
Onder prettige omstandigheden zien we om half negen een achttal schakers net in of net buiten De Nap verwikkeld in pratend schaak. Angstvallig wordt vermeden de kansen van Nederland in de finale tegen Spanje te bespreken. Enkelen staan op de rand van hun vakantie, zoals Ruben (ergens in Nederland) en Frank (Kroatië), een ander legt de laatste hand aan de voorbereidingen op het veteranenkampioenschap van Nederland, zoals Jacob de Boer. Vooral in een eventueel treffen met Hans Böhm heeft hij weinig vertrouwen. We zien Henk Vonk met pet in de problemen tegen Carol Berkhout met korte broek en Piet Duivenvoorden kan rustig een strandwandeling gaan maken, als hij zijn scherpe blik over de verschillende stellingen heeft laten volgen door genadeloos commentaar. De winnaar van vanavond is Albert Knop, die afgetekend de beste kennis heeft over de titels en uitvoerende artiesten van de ten gehore gebrachte muziek uit de jaren zeventig en tachtig. Vooral in Chi Coltrane is hij erg goed. Tweede wordt Cor Groentjes, die in ieder geval steeds bijna het juiste jaartal kan noemen en natuurlijk ook weet dat Creedence Clearwater Revival eerder Willy and te Poor Boys heetten. Tevreden kan Sjaak Pielaet constateren dat het met de primaire kennis van deze de afgelopen maanden wat minder presterende leden in ieder geval wel goed zit.
15 juli
Met het niet onaangename gevoel dat we een terechte wereldkampioen voetbal hebben is het grootste deel van onze schaakclub zijn heil gaan zoeken in andere oorden, tot aan Tanzania toe. In De Nap zien we alleen Albert Knop, Rudolf Rijnveld en onze secretaris. Die praten af en toe meer, dan dat er geschaakt wordt. Rudolf neemt de medische kant van de WK-finale voor zijn rekening en is nog steeds bezorgd over de gevolgen voor de borstkas van Xabi Alonso na een welgerichte karatetrap. Albert – als ex-semiprof uit een elftal met Jan Jongbloed en Robbie Rensenbrink – geeft de voetbaltechnische mening en Sjaak doet het met wat filosofische opmerkingen over de voorbeeldfunctie die de instelling van “onze jongens” moet hebben op de jeugd. Om toch nog aan schaken toe te komen, meldt oud-lid Paul Kloos zich. Hij is volop in training tegen zijn maatje Mephisto en wil wel weer eens een tegenstander van vlees en bloed. Dat levert niet veel punten op, maar wel de toezegging om de komende weken weer langs te komen. De hele avond worden er slechts twee glazen omgegooid, waarvan één ernstig.
| < Vorige |
|---|


