Joke Duivenvoorden overleden
Op zondag18 meiOp zondag 18 mei is de vrouw van onze penningmeester gestorven. In betere tijden was zijn een enthousiaste bezoekster van onze feestavonden, waarbij zij zich altijd van haar vrolijkste kant liet zien. Zij was überhaupt een vrouw waarvan de energie en het enthousiasme afdroop en maakte zich daarmee geliefd bij allen die haar leerden kennen. Nadat zij een bedreigende ziekte had overwonnen, kwamen enkele jaren geleden plotseling berichten dat zij problemen kreeg om de wereld om haar heen te begrijpen. Ondanks de liefdevolle begeleiding van Piet en zijn kinderen, bleek opname in de dagopvang een verpleegtehuis noodzakelijk te zijn. De laatste maanden werd zij permanent verzorgd in Oudtburgh. Daar leek zij in eerste instantie tot rust te komen, maar in de week van 11 mei kwamen er plotseling complicaties. Geschokt vertelde Piet op de clubavond van 14 mei, dat de gezondheid van zijn geliefde hard achteruit ging. Hij noch wij konden toen beseffen, dat zij drie dagen later vredig zou inslapen, nadat alle naaste familieleden afscheid van haar hadden genomen. We wensen Piet veel sterkte om het leven weer op te pakken, zonder zijn grote liefde.
Meer droevig nieuws
Donderdag 11 juni is zeer plotseling Joop van Vuure overleden ten gevolge van een hartststand. Joop was 30 jaar trouw lid van de vereniging Heerhugowaard en daar lid van verdienste. Hij werd in de laatste interne competitie nog tweede, was een vaste kracht van het eerste team en speelde regelmatig tegen Bergen. Joop is slechts 60 jaar geworden. Op 13 juni overleed op 69-jarige leeftijd Louis Carrión Lara. Deze innemende man speelde vroeger bij Heerhugowaard en De Waagtoren en heeft menig robber-tje uitgevochten met spelers van Bergen, als wij tegen een van deze clubs moesten spelen. De grote man van Schaakmat, Wim Kaan, overleed op 20 juli. Hij (geboren op 11 mei 1920) werd dus 89 jaar, was vanaf de oprich-ting op 8 januari 1934 lid bij dezelf-de vereniging en heeft voor ons jubleumboek een historische bijdra-ge geleverd in de categorie “sterke verhalen”. Op pagina 178 lezen wij:
“Na een van de wedstrijden tegen Bergen kregen wij een aanrijding. We waren met eigen vervoer en twee auto’s die huiswaarts keerden. Daarvan nam de één de Karel de Grootelaan en de ander de Dorpsstraat. Toen wij elkaar weer ontmoetten was het: BOEM IS HO! Ik was er zelf niet bij, want ik zat in een andere auto, maar één van de twee ongelukkigen denderde tegen het woonhuis annex kruidenierswinkel van de familie Kraakman. En omdat de auto’s toen zwaar gebouwd waren, won deze het van de muur. Ik heb begrepen dat naast het excuus, de schade goed geregeld werd.”
Het is bijna niet te geloven, maar de in dit fragment genoemde naam Kraakman kwam een dag voor het overlijden van Kaan op tragische wijze weer in het nieuws. Toen overleed namelijk Wijnand Kraakman – de vroegere kruide-nier die tot voor kort nog vaak achter de kassa van de zaak van zijn zoon te vinden was - ook op 89-jarige leeftijd. In feite scheelden deze twee zeer krasse mannen maar 9 dagen in leeftijd, want Wijnand – die in de zestiger jaren lid is geweest van onze schaakclub – werd geboren op 2 mei 1920. Het is overigens maar goed dat hij ons jubileumboek niet gelezen heeft, want de schrijver was in de veronderstelling dat deze oudgediende al eerder overleden was, zoals op pagina 232 is te lezen. Die fout hoeft nu niet meer hersteld te worden. Op de dag dat beide 89-jarigen werden begraven, 23 juli, was ook de familie Dekker in diepe rouw. Na een vrij kort ziekbed overleed Jan Dekker, de vader van Albert en de opa van Jasper. Tot twee maanden geleden leek deze 80-jarige zo gezond als een vis. Nadat hij in het ziekenhuis was opgenomen met benauwdheids-klachten ging zijn situatie hard achteruit en bleek er geen genezing meer mogelijk.
Geen match ……..
De droevige gebeurtenissen bij de familie Dekker hebben meer gevolgen. Nadat Albert de eerste competitiehelft op het nippertje had afgesnoept van “bijna” zekere winnaar Sjaak Pielaet en laatstegenoemde daarna de tweede competitiehelft op zijn naam schreef, zou een match van twee partijen tussen beiden de beslissing moeten brengen over het algehele clubkampioenschap. Bij gelijk eindigen zou de titel naar Sjaak gaan, omdat hij bij het optellen van de punten uit beide compeitiehelften de meeste punten had verzameld. (2299 – 2096) Tijdens de ernstige ziekte van zijn vader gaf Albert al signalen dat het spelen van zo’n match hem zwaar zou vallen. Dat werd er niet beter op, toen zijn vader toch nog onverwacht overleed. Deze aangrijpende tragedie en de zorgen voor zijn moeder brachten Albert zodanig van zijn stuk, dat hij het spelen van twee zware partijen niet meer kon opbrengen. “De titel komt jou toe omdat je de beste was dit seizoen”, laat hij Sjaak in een e-mail weten. Sjaak antwoordt niet blij: “Ik kan me voorstellen dat er weinig enthousiasme is om onder deze omstandigheden een match te spelen. Dat ik daardoor het kampioenschap ”in de schoot geworpen” krijg, is moeilijk te verteren, hoe leuk ik het ook vind om kampioen te worden. Voor mij is dit een kampioenschap zonder glans, hoewel dat later in de statistieken natuurlijk niet meer terug te vinden is. En dan komt er nog mijn belofte bij, dat ik volgend seizoen in het eerste team zal spelen. Dat ga ik – met de nodige twijfels – dan ook doen, hoewel ik je wil vragen om me aan het tweede bord te zetten, achter Antonio met zijn hoge rating.” Zo zit er dan toch nog een positief kantje aan deze treurig stemmende pagina: Na drie jaar keert Sjaak Pielaet terug in het eerste team.
| < Prev |
|---|


